Van stompje tot nagel

Pas toen vriendinnen me vertelden dat het er lelijk uit zag ben ik er anders naar gaan kijken. Het was waar, hun vingers zagen er mooier uit. De mijne wat mollig en door de stompjes leken ze op worstjes. Ik bijt al nagels sinds mijn eerste melktandjes door kwamen en dat ben ik blijven doen.

Na al het commentaar ben ik gaan plakken. Nepnagels is een heel gedoe, omdat het zo precies komt. Te weinig lijm maakt dat je nagel er zo weer afvliegt en teveel lijm gaat overal zitten, ook tússen je vingers.

Een nadeel van nepnagels voor een nagelbijter, is dat je dan iets anders zoekt om aan te knagen. De nagelriemen zijn gevaarlijk pijnlijk, maar wel lekker. En ooow wat een spijt als je er daarna iets zouts op krijgt. Er is ook altijd wel een pieltje te vinden, een soort velletje dat aan de zijkant van je nagel zit. De kunst is om hem met je voortanden er langzaam uit te trekken, met wortel en al. Je weet hoe het straks voelt en je weet dat de vingertop dagen erna nog rood en pijnlijk is. Toch geven die paar seconden je zó veel voldoening.

Na 27 jaar nagelbijten moest het er eens van komen. Van het nagelbijten ben ik af en ook de rest van de vingers laat ik heel. Maar wát een werk! Ik ben nu elke dag met twee vijlen in de weer. De eerste is om het vuil er onder weg te halen (vroeger had ik nóóit vuil onder m’n nagels) en de tweede heb ik nodig omdat er elke dag wel érgens een scheurtje zit. Heb ik er zo mijn best voor gedaan, ben ik zo trots op dat mooie witte randje en dan moet ik het er weer afvijlen.

Nagels laten groeien is ondankbaar werk. Maar goed, mijn vingers lijken zonder stompjes nu niet meer zo op worstjes.

Plaats een reactie